FAQ

Veel gestelde vragen
Veel gestelde pensioenvragen en de antwoorden

FAQ

Op deze pagina tien veelvuldig gestelde pensioenvragen en de antwoorden.

Veelgestelde pensioenvragen

1. Waaruit bestaan de toekomstige inkomensvoorzieningen in Nederland?

De Nederlandse toekomstige inkomensvoorzieningen bestaan uit:

  • basisvoorzieningen die door de overheid zijn getroffen (eerste pijler);
  • voorzieningen die tot stand komen tussen de sociale partners, respectievelijk tussen werkgever en werknemer (tweede pijler);
  • de individuele voorzieningen (derde pijler) als aanvulling op de voorzieningen via de eerste en tweede pijler.
  • Als vierde pijler kan de informatievoorziening aan de deelnemers worden beschouwd.

2. Wat wordt de nieuwe uitkeringsdatum van de AOW?

De uitbetaling van de AOW is verschoven van de eerste dag van maand waarin iemand AOW-gerechtigd wordt naar de dag waarop de AOW-gerechtigd wordt. De verandering is ingegaan per 1 april 2012.

3. Wat zijn de uitgangspunten voor de AOW?

De AOW-leeftijd gaat in 2018 omhoog naar 66 jaar en in 2021 naar 67 jaar.  Daarna zal de AOW worden gekoppeld aan de levensverwachting. Deze wordt iedere vijf jaar opnieuw beoordeeld.

4. Welke wijzigingen zijn verder voor de opbouw van aanvullende pensioenen van toepassing?

De fiscaal maximale opbouwpercentages voor aanvullende pensioenen zijn fors verlaagd. Het fiscale kader is op de 67-jarige leeftijd gebaseerd. Het maximale opbouwpercentage voor een middelloonregeling is verlaagd naar 1,875% en voor een eindloonregeling naar 1,657%. De maximale fiscale opbouw in beschikbare-premieregeling is verlaagd naar 1,875%. De opgebouwde pensioenrechten blijven onaangetast. Het gaat om de toekomstige opbouw van pensioen vanaf 2015. Door de AOW-leeftijd te verhogen hebben werkgevers en werknemers voldoende tijd om zich op deze maatregel en het hiermee gepaard gaande langer doorwerken voor te bereiden.

5. Wat zijn de kenmerken van een goede pensioenregeling?

De kenmerken zijn:

  • inzichtelijk en duidelijk voor de deelnemer;
  • eenvoudige en goede administratie voor de werkgever;
  • deskundige medewerkers bij verzekeraars;
  • lage administratiekosten;
  • lage beleggingskosten;
  • veel flexibiliteit en keuzemogelijkheden;
  • koopkrachtbehoud voor gegarandeerde pensioenen;
  • inzichtelijk en duidelijk voor de deelnemer;
  • voldoende waarborgen voor de partner na echtscheiding, ontslag of overlijden.

6. Wat betekent de 100% norm?

  • Dit is een norm die in de Wet fiscale behandeling van pensioenen staat omschreven.
  • De norm houdt in dat het totale ouderdomspensioen, inclusief de AOW, niet meer mag bedragen dan 100% van het pensioengevend loon. Het ouderdomspensioen mag tot 100% van het pensioengevend loon doorgroeien, indien dit wordt veroorzaakt door :
  • waardeoverdracht;
  • doorwerken en verdere pensioenopbouw na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Het pensioen dient altijd in te gaan op de absolute ingangsleeftijd van 70 jaar;
  • toeslagverlening op het pensioen;
  • uitruil van partnerpensioen voor ouderdomspensioen;
  • bij variatie in de hoogte van de uitkering binnen een bandbreedte van 100:75.

7. Wat is een pensioentekort of pensioenbreuk?

  • Een pensioentekort ontstaat als er bij verandering van werkgever pensioenverlies optreedt, bijvoorbeeld door verschillen in pensioensysteem (pensioenopbouw).
  • Een pensioentekort kan tevens ontstaan indien niet alle salarisemolumenten voor de vaststelling van het pensioengevend salaris worden meegenomen en/of door een hogere franchiseaftrek.
  • Een pensioentekort kan verder van toepassing zijn bij echtscheiding, werkloosheid of arbeidsongeschiktheid.

8. Wanneer kan het recht op waardeoverdracht worden uitgeoefend?

  • Het recht op waardeoverdracht kan door iedere werknemer binnen 6 maanden nadat hij/zij bij de nieuwe werkgever in dienst is getreden. Er hoeft geen sprake te zijn van aansluitende dienstverbanden.
  • Ook als de werknemer vóór de indiensttreding bij de nieuwe werkgever een tijdje niet heeft gewerkt of wanneer de vorige werkgever geen pensioenovereenkomst had, bestaat er toch recht op waardeoverdracht.

9. Wat is de relatie tussen inflatie en een toeslagbeleid bij een pensioenregeling?

  • Inflatie is de grootste vijand van iedereen die een oudedagsvoorziening opbouwt.
  • Bij een sterk oplopende inflatie kan het kapitaal dat tegen een vaste rente voor meerdere jaren is weggezet, er in koopkracht onverwacht hard op achteruitgaan.
  • Vaak houden inflatie en de hoogte van de rente een gelijke tred met elkaar. Een kredietverstrekker vraagt namelijk een vergoeding voor het koopkrachtverlies.
  • Het is daarom van het grootste belang er bij het opbouwen van een oudedagsvoorziening op te letten dat de koopkracht van het pensioen- of kapitaal zoveel mogelijk op peil blijft.

10. Wat is de functie van de website www.mijnpensioenoverzicht.nl?

  • De website maakt het vanaf 6 januari 2011 voor elke Nederlandse burger mogelijk om een overzicht te krijgen van de voor hem/haar al opgebouwde en op te bouwen pensioenaanspraken bij alle pensioenuitvoerders.
  • Ook de AOW-aanspraken staan op de website vermeld.
  • De dienstverlening van het Pensioenregister is gratis voor elke Nederlandse burger en wordt beschouwd als een publieke voorziening en is dan ook niet bedoeld voor commerciële activiteiten.
  • Op de website kan met de Digid-code worden ingelogd.

Alle vragen en antwoorden zijn ook na te lezen in het boek “Pensioenen: al uw vragen beantwoord” van A.W. Borghoff